Dorpshuizen en corona: Creativiteit en berusting

Dorpshuizen en corona: Creativiteit en berusting

28 april 2020


Hoe gaan dorpshuizen om met de beperkingen door corona? Doarpswurk deed een belronde door de provincie en kwam berusting en creativiteit tegen. ‘It is net oars.’

Juist het voorjaar is voor veel dorpshuizen een drukke periode. Vergaderingen, sport, feestjes en vaste activiteiten kwamen medio maart allemaal tot stilstand. Sommige besturen zagen het eerst even aan, andere kwamen meteen in actie.

Ús Doarpshûs 
Zoals het bestuur van ‘Ús Doarpshûs’ in Terwispel. ‘Toen duidelijk werd dat er beperkingen zouden gaan gelden, zijn we meteen met de sportverenigingen om tafel gegaan. Bijna alle sportverenigingen maken gebruik van het dorpshuis als gymzaal, kantine en kleedruime. Vanaf 13 maart zijn we volledig dicht gegaan, dus ook voor bijeenkomsten met minder dan 100 personen. Dat schept duidelijkheid en je voorkomt scheve gezichten’, vertelt voorzitter Oene Bosma van het dorpshuisbestuur.

‘We zijn toen ook meteen als bestuur en ons administratiekantoor om tafel gaan zitten om te kijken waar we uitstel van betaling konden aanvragen. Je kunt dan denken aan de belasting en verzekering. Ook hebben we de maandelijkse betaling van de energiekosten met de helft teruggebracht. Alle cv’s zijn meteen op minimaal gezet en we hebben zoveel mogelijk stekkers eruit getrokken, dus het energieverbruik is ook lager. Als we later wel moeten bijbetalen, zien we dat dan wel weer.’
Het dorpshuis heeft twee medewerkers in dienst voor 28 en 8 uur per week en met hen is afgesproken dat het vakantiegeld na september wordt betaald. ‘Met onze vaste huurder, een fysiotherapeut, is afgesproken dat de helft van de maandelijkse huur in rekening wordt gebracht.’

It Dykshûs
Ook penningmeester Yko Miedema van dorpshuis ‘It Dykshûs’ in Engwierum kijkt kritisch naar de vaste kosten en de nota’s die binnenkomen. ‘We hebben nu nog wat inkomsten uit uitstaande facturen en wachten nog even met het betalen van facturen van vaste lasten zoals energie, belastingen en Buma Stemra.’
‘Op dit moment zijn we helemaal dicht. We hebben het er wel over gehad om bijvoorbeeld patat te gaan bakken, maar dan rijd je de patatkraam een dorp verderop weer in de wielen. Het is even niet anders, iedereen krijgt er wat van mee. Jammer is het wel, we hadden het grote scherm voor de Formule I en EK voetbal al geregeld.’
‘Een voordeel is dat mensen de komende zomer niet op vakantie gaan. Zomers zijn we anders altijd dicht, maar stel dat er dan een verruiming van de regels komt, dan gaan we weer open voor sommige activiteiten. Ook al zitten er maar vier man aan de bar, dat maakt niet uit. Als iedereen goede instructies krijgt en die ook opvolgt, dan kan dat wat ons betreft.’

Het dorpshuis van Engwierum heeft geen vast personeel in dienst en dat scheelt nu in de kosten. Maar net als vele dorpshuizen hoopt penningmeester Miedema dat ook dorpshuizen onder de tegemoetkoming van het rijk vallen. ‘We kunnen het wel een paar maanden bolwerken, maar daarna wordt het lastiger.’

Oene Bosma van Terwispel: ‘We hebben geprobeerd om een tegemoetkoming in loonkosten te krijgen, maar vallen onder zorg en welzijn en daarom komen we niet in aanmerking voor de NOW-regeling van het UWV. We hopen nu dat de lobby om dorpshuizen onder de tijdelijke overbruggingsregeling te krijgen, gunstig uitpakt. Dan zijn we er als de kippen bij.’
‘We kunnen het wel even uitzingen, maar het moet niet te lang duren’, vervolgt hij. ‘We gaan een lastige periode tegemoet.’

Reactie adviseur Riejanne Bouma: ‘It is net oars.’

En sa is it ek… Warme reacties en mooie gesprekken, soms ook praktische vragen waarop ik steeds meer direct antwoord kon geven door de voorgaande gesprekken met dorpshuisbestuurders en alle tips die ik daarvan had gekregen.

De belronde laat zien dat de meeste dorpshuizen wel een kleine buffer hebben, maar dat deze buffer na de zomer opgedroogd raakt. Wat gedaan kan worden om kosten te drukken, wordt meestal al gedaan, ‘aktyf en krêftich’ dat is mijn indruk tot nu toe.

Maar wat als de dorpshuizen tussen de wal en het schip vallen en geen aanspraak kunnen maken op een financiële ondersteuning? Er klinkt maar één geluid, dit is het kloppende hart van het dorp, dit is de plek waar eenzaamheid verdwijnt, de plek van elkaar ontmoeten is hier. Juist dat is wat mensen nodig hebben, met of zonder 1,5 meter samenleving, het kloppende hart moet blijven kloppen.

Wie pakt de handschoen op? Gemeente? Provincie? Landelijke overheid? Het maakt mij niet uit maar dat het nodig is, ja, it is net oars!

Ps. Voor dorpshuisbesturen die mee willen brainstormen over het hart laten kloppen met 1,5 meter afstand, hoe pak je dat aan. Op donderdag 28 mei om 19.00 uur hebben we na de diverse webinars nog een laatste vragenuurtje hierover. Opgeven kan via de website van Doarpswurk  Graag tot dan!

Tekst: Ida Hylkema & Riejanne Bouma
Foto’s dorpshuizen: Doarpswurk

Deel dit bericht: