Interview met Han Westerhof van Aldtsjerk Foarút

Interview met Han Westerhof van Aldtsjerk Foarút

26 mei 2017


In Aldtsjerk ontwikkelde een groep dorpsbewoners zelf plannen voor een nieuwbouwproject. Een ambitieus, maar ook langdurig en moeizaam proces, constateert projectleider Han Westerhof. ‘Iedere keer wordt er weer een nieuw konijn uit de hoge hoed getoverd.’

Het verhaal begint in 2004 toen dorpsbelang signalen kreeg dat er behoefte was aan betaalbare starterswoningen zodat de jeugd in het eigen dorp kon blijven wonen. Uit de ‘Dorps-DNA’ die werd opgesteld door het dorp bleek dat er meer was te halen uit recreatie en water. Beide aspecten werden gecombineerd in het plan dat dorpsbelang in 2008 presenteerde: starterswoningen, een aantal vrije sectorwoningen en enkele recreatiewoningen in combinatie met een verbinding met open vaarwater en een recreatieplas. Er was 18 hectare grond beschikbaar aan de noordkant van het dorp. ‘De opbrengst van de zandwinning voor het meertje kan worden gebruikt voor de aankoop van de grond en de planontwikkeling en voor het dorp in het algemeen’, legt Westerhof, toen nog voorzitter van dorpsbelang, uit.

Zo simpel als ze het op papier hadden gezet, was het niet. De klus werd te groot voor dorpsbelang en daarom werd in 2013 de Stichting Aldtsjerk Foarút opgericht die het plan van dorpsbelang overnam. Er zijn nog wel nauwe banden met dorpsbelang en het dorp. Westerhof was eerst voorzitter van de stichting en is inmiddels projectleider.

‘Als je kennis en kunde uit eigen dorp weet te halen en te bundelen, kun je als dorp veel zelf doen’, zegt hij.

Van de provincie kregen ze vanuit Plattelânsprojekten subsidie voor de verdere uitwerking van het plan. De gemeente Tytsjerksteradiel financierde de onderzoeken die nodig waren voor de bestemmingsplanwijziging, maar het bleef hun eigen plan. De stichting organiseerde eerder dit jaar zelf de inspraakprocedure voor de wijziging van het bestemmingsplan.

Ze kregen te maken met vier procedures die doorlopen moesten worden (bestemmingsplanwijziging, ontgrondingenvergunning, waterwetvergunning en omgevingsvergunning milieu) en moesten in onderhandeling met zandhandelaren. Toen deze vorig jaar afhaakten en eerst zekerheid willen over de vergunningen, besloten ze een knip in het plan te maken en eerst in te zetten op de woningen. ‘We willen de starters perspectief bieden, ze wachten al zo lang.’ Het meer zelf zou dan later worden aangelegd. Dat werd ook afgesproken met gemeente en provincie, maar deze laatste gaf als inspraakreactie op de bestemmingsplanwijziging te kennen dat de recreatieplas eerst moet worden aangelegd voordat de woningen mogen worden gebouwd. De gemeenteraad hield in reactie daarop op 18 mei het punt over de bestemmingsplanwijziging aan, zodat er nog steeds geen duidelijkheid is.

‘Teleurgesteld’, drukt Westerhof zich diplomatiek uit.

‘We wisten dat het een ingewikkeld verhaal zou worden met ups en downs, maar het ontbrak ons niet aan enthousiasme. Dat wordt op deze manier behoorlijk op de proef gesteld. Als je een eigen bedrijf hebt, ben je gewend om zelf te sturen. In dit project ben je overgeleverd aan de overheden en die zijn nog niet ingespeeld op initiatieven vanuit een dorp zelf. Je kunt wel van alles bedenken als dorp, maar ambtenaren zitten vast aan allerlei regels en structuren. Daarvan zijn gemeenteraden zich veel te weinig bewust. Gemeenten moeten leren loslaten: als je iets aan de burgers wilt overlaten, waarom laat je dan ook niet aan de burgers over hoe ze het willen oplossen. De overheid vindt het mooi dat een dorp zelf het veldje maait en bankjes plaatst, maar als het dorp projectontwikkelaar wordt, wordt het lastig. Dat zijn ze nog niet gewend.’

Het stichtingsbestuur gaat niet bij de pakken neerzitten. De inschrijving voor de kavels is inmiddels van start gegaan en Westerhof gaat binnenkort weer om tafel met de wethouder en gedeputeerde om te overleggen hoe ze uit deze impasse kunnen komen.

‘We gaan door tot alle procedures rond zijn en andere partijen van start kunnen met de uitvoering. Dan zit ons werk er op. We geloven er in, maar dat wordt zo wel op de proef gesteld.’

Opgeven is geen optie, stelt de projectleider. ‘We zijn er bijna. Als je een marathon loopt, houd je ook niet 500 meter voor de finish op. Maar we willen wel eens resultaat zien, ook voor het dorp. Het heeft al veel te lang geduurd.’

Tekst en foto’s: Ida Hylkema

Deel dit bericht: