In onze dorpen staan prachtige voorzieningen – dorpshuizen, sportvelden, scholen, kerken, speeltuinen. Sommige bruisen van activiteit, andere staan halfleeg of vragen om onderhoud dat soms niet meer op te brengen is. Vaak denken we dan: vernieuwen! Een nieuw dak, een warmtepomp, nieuwe kozijnen of helemaal afbreken en nieuwbouwen. Maar soms is de meest duurzame keuze juist niets doen. Behouden wat nog goed is, herstellen wat nog jaren mee kan, of kijken of een ander dorp al iets heeft wat wij kunnen gebruiken.
Krachtig netwerk
Wat als we meer zouden denken als een schimmelnetwerk onder de grond? Onzichtbaar, maar ongelooflijk krachtig. Elke boom, elk plantje verbonden met het andere – voeding en informatie stromen heen en weer, precies daar waar het nodig is. Stel je voor dat onze dorpen ook zo verbonden zijn. Niet ieder zijn eigen mini-dorp met een dorpshuis, dorpsbus, dorpswinkel en dorpscoöperatie, maar een levend netwerk waarin we voorzieningen delen, kosten verdelen en krachten bundelen.
Misschien past dat nieuwe dorpshuis niet meer bij óns dorp, maar wel bij dat van de buren. Misschien is het slimmer om de sportvoorziening te delen, en samen te investeren in een ontmoetingsplek die energie opwekt én verbinding. Niet elk dorp hoeft alles te hebben, zolang iedereen ergens bijhoort.
Blik op de volgende generatie
Eerlijk kijken naar wat echt nodig is. Uitdagen om niet vast te houden aan “ons eigen”, maar te denken in ons gezamenlijke. En vooral uitdagen om keuzes te maken met een blik op de volgende generatie.
Wat laten we achter voor hen die hier straks wonen?
Verduurzaming is niet alleen een project, een subsidiepotje of nieuw beleidsplan. Het is een manier van samenleven. Een gesprek tussen buren, tussen dorpen, tussen jong en oud. En als we dat gesprek goed voeren – eerlijk, nieuwsgierig en met een open hart – dan groeit er vanzelf een sterk netwerk. Onzichtbaar misschien, maar net als dat schimmelnetwerk onder de grond: levend, verbindend en ongelofelijk waardevol!
Riejanne Bouma