Feanwâlden houdt vast aan een dorpshuis

Feanwâlden houdt vast aan een dorpshuis

18 december 2020


In november 2019 zette de gemeente Dantumadiel een streep door het nieuwe dorpshuis van Feanwâlden. De Stichting Dorpshuis MynSkip Feanwâlden was verbijsterd, maar niet verslagen. Deze maand besloten de bestuursleden de stichting niet op te heffen, maar ‘in slaap’ te houden. ‘Als we nodig zijn, zijn we er.’

Voorzitter Roel Dijkstra en secretaris Oege Hiddema blikken terug op een bizarre periode waar ze graag een punt achter willen zetten, al blijft hun doel nog fier overeind: een dorpshuis in het centrum van Feanwâlden. Vanuit de woonkamer van Dijkstra kunnen ze de plek aanwijzen waar het nieuwe dorpshuis was ingetekend. Op de plaats van het kerkelijk centrum De Mienskip, pal aan de vaart waar aanlegplaatsen zouden komen voor meer recreatiemogelijkheden in het dorp. Hiervan zou ook het nieuwe dorpshuis ‘MynSkip’ kunnen profiteren.

In mei 2019 hadden ze vrijwel alles rond om het dorpshuis te kunnen bouwen, tot aan een sloopvergunning voor het kerkelijk centrum De Mienskip toe. De gemeente had in 2017 al een bedrag van 990.000 euro toegezegd en trok in februari 2019 nog eens 85.000 euro extra uit voor de realisatie van een jeugdkelder in het nieuwe gebouw. De basisfinanciering van bijna 2 miljoen euro was daarmee op orde.

Een maand later werd echter bekend dat de gemeente een miljoenenverlies leed en door de slechte financiële positie werd het miljoen voor de MynSkip in Feanwâlden ingetrokken. Een financieel herstelplan van het bureau Berenschot waarin werd gesteld dat het dorpshuis niet de dupe mocht worden van de noodzakelijke bezuinigingen van de gemeente, mocht niet meer baten. Ook massale protesten hielpen niet. In november stemde een meerderheid van de gemeenteraad voor het intrekken van de financiële bijdrage. Daarmee ging een streep door MynSkip. Er werd wel een motie aangenomen voor een onderzoek naar de mogelijkheid van een dorpshuis in combinatie met een sporthal en brede school op een andere locatie.

‘Het grootste slachtoffer is Feanwâlden en de inwoners’, stelt Dijkstra. Als sinds 2003 is Feanwâlden bezig om een dorpshuis te realiseren. ‘Feanwâlden is een cultureel arm dorp, omdat er geen centraal ontmoetingsplek is. Ons doel was om de jeugd, ouderen en alle andere inwoners samen te laten komen in zo’n ontmoetingsplek. Midden in het dorp, want dat is de plek voor een dorpshuis.’

Het bouwplan zorgde voor reuring in het dorp. Het jeugdwerk, waarvoor een plek wordt gezocht in de voormalige bibliotheek, bloeide op met een nieuw onderkomen in het vooruitzicht. ‘En we hadden wel honderd personen klaarstaan die wilden helpen bij de bouw’, zegt Hiddema. ‘Als vrijwilliger ben je bezig om iets voor het dorp op te zetten, notabene samen met de gemeente. En dan eindigt het in juridische procedures tegen diezelfde gemeente. Erg krom allemaal’, vindt Dijkstra.

De initiatiefnemers hebben veel steun van Doarpswurk gehad, stellen ze. ‘In het begin van het project was Doarpswurk een belangrijke schakel bij het maken van de plannen. Hoe richt je een stichting op, waar kun je subsidie aanvragen, wat zijn de valkuilen, noem maar op. Ook leerden we veel van voorbeelden van andere dorpshuizen. Toen duidelijk werd dat de gemeente zich terugtrok, sprong Doarpswurk voor ons in de bres. Er werden contacten gelegd met de provincie en met hulp van de KNHM een alternatief financieringsplan opgesteld. Maar het mocht allemaal niet meer baten; de gemeente bleef tegen.’

Het stichtingsbestuur voelt zich slachtoffer van een politieke strijd binnen de gemeente en van een ambtelijke organisatie die te maken kreeg met een grote reorganisatie. De invoering van de nieuwe Omgevingswet in 2022, waarbij projecten van onderop moeten worden opgepakt, zien ze somber in. ‘Een gemeentelijke organisatie is nog niet klaar voor burgerparticipatie. En als burger heb je te weinig bagage om grote projecten op te pakken’, stelt Hiddema. ‘Doarpswurk doet nu wat de gemeente straks moet gaan doen. Maar zolang dat niet goed is geregeld, blijft Doarpswurk nog hard nodig.’

Ze zijn nog bezig met de laatste juridische procedures, ‘en als de rechter bepaalt dat het proces naar behoren is verlopen, dan is dat zo. Dan hebben we er alles aan gedaan en dan is het klaar’, stelt Hiddema. ‘Het moet je leven niet gaan beheersen’, vindt ook Dijkstra. Wrokkig zijn ze niet, ze kijken liever vooruit. Al hebben ze voor de eer bedankt om mee te doen aan de verkenning naar een nieuw multifunctioneel centrum. ‘We gaan nu geen energie meer steken in de ontwikkeling van een heel nieuw complex. Maar we gaan de boel ook niet frustreren. Ons plan ligt er en als we nodig zijn, dan zijn we er.’

Tekst & foto Ida Hylkema: Oege Hiddema (links) en Roel Dijkstra laten de tekening van MynSkip zien.

Deel dit bericht: