29 april 2025

Week van het Dorpshuis groot succes

Met een koninklijk tintje werd op 7 april in het Gelderse Hoenderloo de Week van het Dorpshuis feestelijk afgetrapt. Niemand minder dan koningin Máxima woonde de opening bij. De Week van het Dorpshuis is een initiatief van de Landelijke Vereniging voor Kleine Kernen (LVKK) en de negen provinciale koepels – waaronder het Friese Doarpswurk – en heeft als doel de onmisbare rol van dorps- en buurthuizen in de samenleving onder de aandacht te brengen.

Ook in Fryslân werd volop meegedaan. Politici en bestuurders kregen in de week van 7 tot en met 14 april de kans om zelf te ervaren hoe belangrijk een dorps- of buurthuis is. In totaal liepen 15 Friese politici een dag (of dagdeel) stage in 11 dorps- en buurthuizen verspreid over de provincie. Door de handen uit de mouwen te steken, zagen ze met eigen ogen hoe deze ontmoetingsplaatsen fungeren als kloppend hart van de gemeenschap – én hoeveel werk er verzet wordt door toegewijde vrijwilligers.

Politici steken handen uit de mouwen

Op een doordeweekse dag in Wergea, klinken het tikken van de koersballen en het zachte gebrom van het koffiezetapparaat door dorpshuis Us Doarpshûs. Abel Reitsma, wethouder voor het CDA in gemeente Leeuwarden loopt deze middag stage in Wergea. In Leeuwarden zijn de dorpen en wijken verdeeld onder de wethouders: elk gebied heeft een eigen contactwethouder. “Bijna alle dorpen en wijken die met een ‘W’ beginnen – Warstiens, Warten, Weidum, Wergea – vallen onder mij,” zegt Abel lachend. Toen hij de lijst met stagemogelijkheden onder ogen kreeg, hoefde hij niet lang na te denken. “Ik kom regelmatig in Wergea en ben daar graag.”

Ook Hanneke Goede, Statenlid voor de SP in de Friese provinciale staten, trok haar stoute schoenen aan. Toen ze zag dat het dorpshuis in Oudega nog iemand zocht voor een bardienst, wist ze meteen wat haar te doen stond. “Ik heb ooit in een ver verleden in de horeca gewerkt, dus ik dacht: ik ga weer eens achter de bar staan.”
Zo gezegd, zo gedaan. Op een vrijdagavond draaide Hanneke mee in dorpshuis It Joo. “We begonnen met een kennismaking met het bestuur, en daarna ben ik achter de bar gaan staan,” vertelt ze enthousiast. “Het was ook nog eens een spannende avond: elke avond wordt er gebiljart, maar deze keer was het de ontknoping van de competitie.”

‘Het dorpshuis als lijm van het dorp’

Abel hoefde niet te tappen, maar viel met de neus in de boter: hij mocht meedoen met een potje koersbal. “Een beetje zoals jeu de boules, maar dan binnen. Ik had dat nog nooit gedaan, maar het is moeilijker dan je denkt. Ik werd dan ook één-na-laatste, maar daar gaat het niet om.”
Tussen het koersballen en het bijpraten met bewoners viel hem iets op: “Je ziet hoe laagdrempelig het is, hoe vanzelfsprekend eigenlijk. Maar het is van onschatbare waarde. Het dorpshuis is een beetje de lijm van het dorp.”
Abel is onder de indruk van de vrijwilligers. “Die mate van organisatie, je belangeloos inzetten voor anderen, daar kun je echt van onder de indruk raken. In de kleine gebaren zit de grootste kracht.”

 

Vrijwilligers zijn cruciaal

Tijdens het openen van flesjes bier en de gesprekken met de biljarters zag Hanneke in de praktijk hoe cruciaal vrijwilligers zijn voor het dorpshuis. “Je hebt mensen nodig die het leuk vinden om iets te doen, die er voldoening uit halen als ze zien dat het werkt. Als je dat binnen een dorpshuis voor elkaar krijgt, ben je al een heel eind,” vertelt ze.
Overigens had ze zich de bardienst iets anders voorgesteld. “Ik dacht dat ik biertjes zou tappen, maar er bleek helemaal geen tap meer te zijn – alleen flesjes. Dus ik stond vooral doppen los te draaien,” lacht ze.

Vergrijzende vrijwilligers en verschralende ondersteuning

Tijdens hun stages zien Abel en Hanneke niet alleen de kracht, maar ook de kwetsbaarheid van het dorpshuis. Vrijwilligers vormen het kloppend hart — maar dat hart wordt ouder. “Veel dorpshuizen worden overeind gehouden door mensen van boven de 55,” zegt Abel. “Maar wie staat er straks op om het stokje over te nemen? Dat weten we eigenlijk niet.” Zijn oproep is simpel, maar doeltreffend: “Wees nieuwsgierig. Neem iemand mee. Bel aan bij een buur. Je moet het meemaken om te voelen wat het met je doet.”

Hanneke wijst op een andere zorg: de verschraling van provinciale ondersteuning. “Er is nog wel geld, maar veel minder dan vroeger,” zegt ze. “En ondertussen groeien de taken: dorpshuizen zijn ontmoetingsplek, sociaal vangnet, en nemen vaak de plek in van het verdwenen dorpscafé. Als we willen dat ze blijven bestaan, moeten we ze ook blijven ondersteunen.”

Meer dan een stage

Als we tot slot vragen wat ze meenemen van hun stagedag, denken ze even na. Dan zegt Abel: “Je weet natuurlijk wel dat dorps- en buurthuizen belangrijk zijn, maar je merkt pas echt wat ze betekenen als je er zelf even onderdeel van bent. Je zit daar tussen de mensen en denkt: dít is waarom je dit werk doet.” Hij glimlacht. “De gemeenschapszin, het omzien naar elkaar — dat zie je hier in het klein, maar het betekent zoveel. Dat neem ik mee van deze middag. En dat verdient alle steun.”

Het heeft Hanneke zo goed gedaan, dat ze er meteen een vervolg aan wil geven. Samen met haar fractie is ze van plan vaker op bezoek te gaan bij dorps- en buurthuizen in Fryslân. “Er zijn er zóveel, maar we komen er eigenlijk te weinig,” zegt ze. “We willen vaker meekijken, zien wat er speelt én de handen uit de mouwen steken. Want pas als je er echt bent, zie je hoeveel er gebeurt — en hoeveel waarde dat heeft voor een dorp of wijk.”

De Week van het Dorpshuis was volgens beiden een groot succes, en wat hen betreft absoluut voor herhaling vatbaar. “Als het kan, ben ik er weer bij,” zegt Abel. “Zo’n week draagt echt bij aan de zichtbaarheid van dorps- en buurthuizen.”
Ook Hanneke kijkt met een goed gevoel terug. “Het laat zien wat je met elkaar voor elkaar krijgt,” zegt ze. “Dat geeft energie — en maakt me alleen maar gemotiveerder om me hier nóg meer voor in te zetten.”

Tekst: Hendrik Tamsma
Foto’s header visual aangeleverd door Abel Reitsma en Hanneke Goede (bewerkt door Hilco Wiersma – Doarpswurk)
Beide actiefoto’s: Doarpswurk